1985

Achterin de auto op weg naar huis.
Opa voorin, oma achterin naast mij.
De banden praten met de weg
Overal lichten
Koplampen van auto’s
Staalblauwe hemel
Geen enkele ster.
Hand met rode nagels en een ring met diamanten,
Witte broek, zwarte trui.
Gesprekken aarzelen als regen langs de ramen.
En niemand weet, niemand weet
Dat ik Repelsteeltje heet!


<<< TERUG